Klaar

Zo, het eerste paar sokken is klaar. Ze zijn lekker warm en ik vind ze best goed gelukt voor een eerste keer.

Eigenlijk had ik het plan om er nog ‘n paar achteraan te breien voor mijn vader. Maar voor mijn arm is het toch beter om nu eerst even iets anders te gaan doen. Maar wat????? Hier in huize Meiske begint de verveling behoorlijk toe te slaan. Niet omdat ik niets kan verzinnen wat ik zou willen doen, plannen genoeg! Maar wat kán ik doen? Daar zit ‘n beetje de knoop.

Vandaag kwam mijn begeleidster en we zouden op mijn verzoek even naar Blokker gaan om een cadeaubon te halen die ik komend weekend nodig heb. En omdat ik zo ongeveer tegen de muren opkruip intussen, stelde ik voor om ook maar even naar de supermarkt naast de Blokker te gaan. Even lekker door de winkel lopen, iets uitzoeken waar ik trek in had, het fruit en de groenten zien en ruiken, even een ander behangetje om tegenaan te kijken. Heel even eruit!

Maar dat viel even tegen. Toen ik de auto uitstapte kwam de eerste golf van duizeligheid al. Te snel gaan staan was mijn mening. Zou wel overgaan als ik me aan de winkelkar zou vasthouden. Niet dus! Eenmaal in de winkel kwam er een overdosis aan prikkels op me af: pratende en bewegende mensen, gepiep van de barcodelezers bij de kassa, muziek, de een of andere ventilator die bromde, heeeeeeeeeeel veel producten. Ik werd er letterlijk opnieuw duizelig van. En kon me niet meer concentreren op mijn voeten. Ik hield me stevig vast aan de kar, maar ik liep alsof ik gezopen had en zo voelde mijn hoofd trouwens ook aan. Sodemieter!

Nou ja, lang verhaal in het kort: ik heb met heel veel tussenstops een paar boodschapjes gedaan, gestuurd door de begeleidster, want anders had ik nu nog rondjes gelopen daar denk ik. Daarna heeft ze mij met boodschapjes in haar auto geïnstalleerd en is zij de cadeaubon bij Blokker voor me gaan halen. Daarna is ze met me mee naar huis gegaan, heeft mij op een stoel geïnstalleerd, heeft de spulletjes in de koelkast gelegd en is gegaan. En op het moment dat zij de voordeur achter zich dicht trok, stroomden bij mij de tranen. Dit viel zo ontzettend tegen!

Tja, als ik op de bank zit, dan heb ik het gevoel de hele wereld aan te kunnen. En dan wil ik niets liever dan lekker naar buiten, met de scootmobiel mijn boodschapjes zelf doen, bij mijn ouders op bezoek, voor hun ook nog ‘n boodschapje meenemen, koffie gaan leuten met mijn vriendin in de stad en gezellig naar het activiteitencentrum om de mensen die ik mis weer even te zien en horen. Maar die dingen zitten er echt nog even niet in. Nu zag ik net in mijn agenda dat het pas 3 weken geleden is dat ik het herseninfarct heb gehad, dus het is niet zo vreemd eigenlijk dat ik nog niet zoveel kan. En geloof me, ik doe echt heel erg mijn best om geduld te hebben, maar ik verveel me dus intussen echt helemaal suf! Grrrrrrr!

Uitdaging

Meiske moet rustig aan doen. Da’s goed, denkt Meiske, dat zal ik inderdaad maar eens gaan doen. Vorige week deed Meiske iets teveel waardoor ze veel last had van haar (nieuwe) beperkingen. Echt rustig aan doen dus deze week.

Zondag heeft Meiske haar zelf gebreide vest in elkaar gezet. Heel braaf zittend op de bank. Luisterboek erbij. Zo nu en dan opstaan voor ‘n kopje koffie, thee of ‘n glaasje cola. Zondagavond is het vest helemaal klaar (op knopen na, maar die moeten eerst nog gekocht worden). Goed zo Meiske! Zie je wel dat je het kunt, dat rustig aan doen?

Jahaaaa, denkt Meiske maandagochtend, jahaaaa, ik kán rustig aan doen. Maar de huishoudelijke hulp is hier en dan is het te druk in de woning om te slapen of liggen. En niets doen en alleen maar toekijken is iets waar Meiske zich niet zo gelukkig bij voelt op zulke momenten. Dus doet Meiske op haar dooie gemakkie de afwas. Daarbij valt het afdrogen en wegzetten van de spullen tegen. Meiske gebruikt net als altijd ook haar linker arm hierbij. Dat is ook goed, anders gaat ze hem vergeten, maar wat zijn die borden opeens zwaar als je ze moet wegzetten boven schouderhoogte. Zelfs glazen en mokken zijn dan zwaar. Maar dat geeft niet, Meiske ziet dit als therapie. Hoeft ze echt niet tot donderdag mee te wachten hoor, want ze doet het allemaal heel rustig aan! ;-)

Maar dan……….dan is de afwas klaar. Maar de hulp nog niet! En nu? Nu is Meiske eigenlijk heel hard toe aan een nieuwe uitdaging. Iets dat haar helpt de tijd op een prettige manier door te komen, zonder dat ze over de grens van het rustig-aan-doen gaat. En het zou heel prettig zijn als ook in Meiskes hoofd dan rust zou komen. Afleiding van alle emoties die in 8-baan-tempo de revue passeren.

Meiske wist dat dit moment zou gaan komen en vorige week heeft ze al wat voorbereiding gedaan. Ze heeft nieuw garen besteld (dat door een postbode met hoge nood werd afgeleverd), ze heeft de theorie bestudeerd, heeft zelfs (tussen het afwerken van het vest door) al een beetje geoefend. En nu is het dan zover………Meiske stort zich op de nieuwe uitdaging!

Zie hier het resultaat tot nu toe:

Uitleg: dit moet een sok worden. Het moeilijkste deel, de hiel is net klaar. Niet slecht voor een allereerste keer, denkt Meiske er trots bij.

Als iemand me ‘n jaar geleden had gezegd dat ik me nu met dit soort uitdagingen zou bezig houden, dan had ik ‘m afgeschoten. Maar goed, niet iedereen kan steeds maar het feestbeest uithangen he :-?

Zomaar zaterdag

Om 9 uur loopt de wekker af. Als ik m’n armen boven ‘t dekbed uitsteek om me uit te rekken voel ik hoe koud ‘t is. Ik zet mijn wekker nogmaals, maar nu ‘n uurtje later en draai me, zonder ook maar enige schroom, nog eens lekker om. Het is zaterdag vandaag. Mijn jongste zoon en zijn vriendin komen straks. Maar als ik om 10 uur opsta heb ik nog meer dan genoeg tijd om ‘t lekker kalm aan te doen. Kalm aan doen moet van de revalidatie-arts. Normaal gesproken zou ik nu nog in het ziekenhuis liggen. Nu zit ik lekker in mijn eigen omgeving, maar je gaat toch al snel meer doen dan goed voor je is. Heb ik deze week ook gedaan, dus vandaar mijn schromeloze uitslaapgedrag vandaag.

Als ik weer wakker word zie ik tot mijn schrik dat het al kwart voor 11 is (had in het half donker de wekker op 18.00 uur i.p.v. 10.00 uur gezet). Maar op mijn wekker/telefoon is ook een berichtje achtergelaten door zoonlief dat ze wat later komen. Okidoki, het uitslapen was nodig én gegund ;-)

Op m’n gemakje nuttig ik koffie en ‘n boterham gezellig met ‘n spelletje op de pc. Daarna kalm aan verzorgen, aankleden, was in de droger doen, opruimen (zeer noodzakelijk, want zo chaotisch als mijn hoofd is, zo chaotisch is ook het spoor dat ik in huis achterlaat doordat ik steeds afgeleid raak……..lang leve hersenen die niet willen wat ik wil) en intussen is de droger klaar en kan ik dus de was er weer uit pakken.

De woorden van de revalidatie-arts krijgen inmiddels wat meer betekenis voor me, want mijn lijf én hoofd protesteren merkbaar. Meiske je doet te veel!, roepen ze in koor. Mijn linker arm wil niet meer omhoog, mijn linkervoet niet meer vooruit en ik voel me duizelig worden. Ssstttt, stil maar, ik luister al. Kijk, ik ga braaf zitten met mijn breiwerk op schoot. Nou ja……het breigedeelte is klaar, ik moet het vest alleen nog in elkaar zetten. Ik heb er geen haast mee en dat is goed, want echt snel gaat ‘t niet. Ik weet ‘t, ik zou eigenlijk even echt niets moeten doen, maar dat kan ik niet. Daar word ik zwaar zenuwachtig en onrustig van. Zitten en mijn handen rustig laten werken is óók rusten, hou ik mezelf voor.

En dan komen de kids. Zoonlief is dinsdag voor zijn rijbewijs geslaagd. Dat komt hij trots showen natuurlijk. En gelijk ook maar de auto die hij heeft gekocht (jaja, kun je zien waar ‘t geld zit he). Leuk karretje moet ik zeggen. We gaan ermee naar opa en oma. Hebben ze die ook even gezien en ik kan gelijk even “luchten”, want ‘t binnen zitten ben ik nu wel een beetje zat. Maar ook hier wordt snel duidelijk waarom ik binnen moet zitten, want het stukje lopen tot aan de auto en van de auto naar de woning van mijn ouders valt zwaar tegen. Ik moet ‘n paar keer blijven staan en me heel goed concentreren op het vooruit zetten van mijn voet. Eenmaal bij mijn ouders binnen kan ik dan ook niet meer stoppen met geeuwen en kan ik van het gesprek om me heen niet echt veel meer volgen. Oké, weer een grens tegengekomen. Sterkt me alleen maar in mijn voornemen om de strijd van de revalidatie snel aan te gaan.

De kinderen brengen me weer braaf naar huis en drinken nog wat. En ik praat, eigenlijk teveel, ook een teken van vermoeidheid, dan is ook daarin de rem wat weg. Rond half 6 vertrekken ze weer richting Brabant en schuif ik mijn maaltijd in de magnetron. En terwijl ik even later de soep zit te eten, concludeer ik dat het om bijna 6 uur nog licht is! Hmmm, de dagen worden weer langer, jubelt een vlindertje in mijn hart!

Als ik na het eten doodmoe op de bank neerplof voel ik het jubelende vlindertje nog steeds. Het was zomaar een zaterdag, een zomaar FIJNE zaterdag!

Hoe het kwam

Tags

, ,

Toen vorige week dinsdagochtend mijn wekker afliep om 09.00 uur, voelde ik me nog moe. Erg moe, vreemd moe, alsof ik iets onder de leden had. Overal hoorde ik verhalen van mensen die grieperig en/of verkouden waren, dus ik vond het niet zo vreemd als ik nu ook de klos zou worden. Ik nam me voor om het lekker rustig aan te doen.  ‘s Middags zou ik naar fitness en aansluitend de yoga gaan (beide via het activiteitencentrum), maar de taxi zou rond half 2 bij mij zijn. Ruim de tijd dus om echt op mijn gemakje te teuten.

Eerst maar eens koffie en ‘n boterhammetje. Meestal peuzel ik dat lekker op terwijl ik mijn mail check en ‘n puzzeltje doe op de computer. Anderen lezen de krant, dit is mijn ochtendritueeltje. Ik had me voorgenomen om rond ‘n uur of 10 te gaan douchen enzo. Maar ik was nog steeds zo vreselijk moe. Nog 1 puzzeltje dan en dan zou ik écht mezelf onder m’n kont trappen. Dat puzzeltje wilde echter niet vlotten. Dus dan maar de pc uit. Maar ik voelde me zó moe dat het douchen een enorm karwei leek waarvan ik ‘t gevoel had dat ik het niet redden. Ik voelde me ook niet zo heel lekker. Het is moeilijk in woorden te vatten, maar het leek een soort van duizeligheid en toch ook weer niet helemaal. Misselijk, maar toch ook niet écht. Vreemd, naar, blèèh, zo dus.

Ik begon erover te denken om me maar een dagje af te melden. Maar ik wilde heel erg graag naar de yoga, dus ook het afmelden stelde ik nog even uit. Het zou zo vast wel beter gaan. Maar dat gebeurde dus niet. Nou, dan toch maar afmelden. Normaal gesproken zou ik me dan afmelden voor 1 dag, maar nu vond ik het nodig om mezelf echt ziek te melden. Dat betekent dat je dus ook niet meer voor andere activiteiten wordt opgehaald totdat je jezelf weer beter hebt gemeld. Maar ergens was er iets in mij dat het gevoel had dat dit langer zou gaan duren dan ‘n dagje.

Toen ik de telefoon openklapte, zag ik dat mijn vriendin een smsje had gestuurd. Omdat zij ook niet zo heel lekker in haar vel zat, besloot ik dat ik haar zou bellen zodra ik mezelf had ziekgemeld en daarna zou ik naar bed gaan. Want ik voelde me met de minuut vermoeider en beroerder. Zo gezegd, zo gedaan. Mijn vriendin hoorde meteen dat ik erg moe was. Dat is een van de restverschijnselen die ik heb overgehouden van het herseninfarct in 2010. Dan ga ik langzaam praten en mijn arm wordt dan ook weer een beetje zwaar. Dat voelde ik nu ook, maar ja……ik was gewoon heel moe. Zou vast een grieppie aan zitten te komen. Vriendin adviseerde me ook om maar lekker terug in bed te kruipen na het telefoontje. En zoals dat tussen haar en mij gaat, we hebben altijd nog wel meer kletsvoer dan we ons bij aanvang van het telefoontje voornemen, dus ook dit gesprekje duurde wat langer dan 5 minuten. Op een gegeven moment merkte mijn vriendin op dat ik nu toch wel héél slecht begon te praten, alsof ik dronken was. Ja duhhhh……….ik ga ‘s morgens op nuchtere maag aan de zuip voordat ik ga telefoneren. Maar ik merkte zelf ook wel dat het allemaal wat minder soepel ging. Ze vond dat ik de huisarts of anders de huisartsenpost toch maar even moest bellen. Mij leek dat niet zo nodig, maar zoals ik al schreef zat mijn vriendin ook niet zo lekker in haar vel. Ik wilde haar niet ongerust maken, dus ik beloofde haar de huisarts te bellen en daarna even te laten weten wat die had gezegd.

Eerst kreeg ik de assistente aan de lijn. Ik vertelde haar het verhaal dat ik zo vreemd moe was, dat het praten lastig ging en dat mijn arm en been ook wel zwaar begonnen te voelen. Nog steeds was ik ervan overtuigd dat ik de griep zou gaan krijgen, maar zij vond het toch nodig om even met de huisarts te overleggen. Toen ze weer terug kwam aan de telefoon, vroeg ze me of ik iemand had die me naar de Eerst Hulp van het ziekenhuis kon brengen. Eeeh……nee, niet echt. Ik zou wel zelf met de scootmobiel kunnen gaan, want ik woon vlak bij het ziekenhuis. Maar dat leek haar geen optie. Dan zou ze een ambulance gaan bellen. “Nou”, was mijn reactie, “is dat nou écht wel nodig? Het lijkt me nogal vervelend als die jongens uitrukken voor een aankomend griepje!” Of ik nog even aan de lijn wilde blijven, dan zou ze nog eens overleggen met de huisarts. Na ‘n minuutje hoorde ik haar zeggen dat de huisarts nú naar me toe zou komen. Hmm, dacht ik, hij zit met z’n praktijk vlakbij en hij zal wel net visites willen gaan rijden. Prima dan, als hij dacht dat het nodig was…….

Met die gedachte belde ik mijn vriendin weer op om haar het geruststellende nieuws te vertellen dat de huisarts onderweg was. Zij vond dat ik de voordeur maar alvast open moest maken, want nu kon ik nog lopen. Ja daaaag………het vriest nogal he, en zo meteen kan ik ook nog wel lopen, dacht ik toen ik ophing. Ik had de telefoon nog in mijn handen toen de bel ging:  de huisarts! Tjee, die is snel, dat lijkt Overtoom wel!

En vanaf dat punt bleef ‘t snel gaan. Hij kwam, zag, en overwon……..oh nee, dat was iemand anders. Hij kwam, aanschouwde en vroeg me vriendelijk om zo hard mogelijk in zijn handen te knijpen. En toen voelde ik het zelf. Mijn linker had leek wel van bordpapier, nat bordpapier, er zat echt geen greintje knijpkracht in. “Tja”, was zijn enigszins droge reactie, “dan ga ik toch maar een ambulance bellen.” Nee he, was mijn reactie, niet wéér! En daar kwamen de tranen. Tja meis, zei hij, het spijt me, maar ik moet toch écht de ambulance voor je bellen.

Damn, damn, damn! Ik vroeg of ik me dan nog wel even aan mocht kleden, want ik liep nog in piama en ochtendjas. Maar dat mocht niet, dat zou ik volgens hem echt niet snel genoeg meer kunnen doen. Terwijl hij de ambulance belde, belde ik mijn vriendin om het nieuws te vertellen. Ze vroeg of ik wilde dat ze kwam, en ondanks dat ik weet dat ze ruim ‘n uur moet rijden, leek me dat op dat moment wel een goed idee. Ik pakte mijn sporttas waar mijn gympen en deodorant in zaten, propte er een bh (vraag me niet waarom, waarschijnlijk omdat die ‘t eerst binnen handbereik was), tandpasta, tandenborstel en portemonnee bij (daar zitten mijn verzekeringspasjes enzo in) en daar kwam de ambulancebroeder al binnen.

Ik ben nog zelf op de brancard gaan zitten, heb nog gezegd dat ik normaal in de zomer niet eens in piama naar ‘t ziekenhuis ga en dat ik ‘t toch wel absurd vond dat ik nu door de sneeuw en kou zo mee moest, maar ze hadden geen pardon. Terwijl een van de beide broeders probeerde om een infuusnaaldje in mijn hand te prikken, begon de ander al te rijden (leuk hoor, zo’n prikpen in je hand krijgen terwijl de auto net optrekt). Op dat moment kon ik alleen maar denken dat ik zo vreselijk moe was dat ik mijn ogen letterlijk niet meer open kon houden. Ergens ver weg registreerde ik dat mijn linkerhand van mijn buik af was gevallen en dat de broeder die weer braaf terug legde en me toen met klittenband vastsnoerde. Dat gebeurde allemaal nog voordat de auto amper de bocht om was en dat is echt maar een piepklein stukje van bij mij uit.

Daarna ben ik een stukje kwijt. Het volgende moment word ik een ruimte ingereden met allerlei mensen, draait iemand zich naar mij om (ik herkende hem als de jonge neuroloog waar ik in 2010 best wel boos tegen heb gedaan) en zegt mij nog wel te kennen. Ja, ik herken u ook, maar laat me nou maar slapen! Weet niet of ik het heb gezegd of heb gedacht. Denk dat dat ook niet zoveel boeit, had ‘t toch al verknald vorige keer! En weer ben ik ‘n stukje kwijt. Volgende moment probeer ik van brancard over te schuiven naar het bed van het scanapparaat, maar dat lukt me niet. Ik kan me met mijn linker arm én been niet afzetten. Ik voel dat er aan me wordt geduwd en getrokken en dan gaat ‘t licht weer uit. Het gaat weer aan op het moment dat ik de BrainCareUnit word binnengereden met een bed en dat ik iemand hoor zeggen: trombolyse.

Er gebeurt vanalles, om mij heen, aan mij, met mij. Het gaat snel, is rommelig en druk. En dan is er even rust en kan ik slapen. Niet lang, want dan moet ik tong uitsteken, in handen knijpen, met mijn voeten tegen handen duwen, zeggen dat de kat de krullen van de trap krabt (was dan op ‘n flat gaan wonen trut!) en met mijn ogen dicht het puntje van mijn neus aanraken (ik weet verdomme toch wel waar m’n neus zit, waarom kan mijn linker hand dat kreng niet vinden dan!?!?). Nou ja, ik weet wel waarom eigenlijk, het is weer mis, ik heb weer een herseninfarct! Mijn gedachten kwamen niet veel verder dan dat Fraai Uitgesneden Cederhouten Kastje van ‘n vorig blog, maar dan niet zo uitgebreid zeg maar.

Dat verhaal van de krabbende kat, mijn verdwenen neus en knijpen in vingers wordt tig keer herhaald. Voor mijn gevoel komen er 8 verpleegkundigen om de beurt het hele verhaaltje met me doen. Snap niet dat ze dit niet beter met elkaar overleggen. Achteraf blijkt dat er tussenposen tussen waren waarin ik sliep/weg zakte en dat ze die routine gewoon om de zoveel tijd moeten herhalen. Ergens tussendoor heb ik nog geplast op een pan waarbij ik merkte dat ik niet kon voelen of ik nog plaste of niet (vreemde ervaring hoor) en elk half uur of zo pompte automatisch een bloeddrukmeter zo hard op dat ik het gevoel had dat m’n hand eraf zou gaan vallen.

Wat er precies met me gedaan is weet ik van achteraf vertellen, op dat moment kreeg ik het allemaal niet zo goed mee. Wel merkte ik dat heel voorzichtig de kracht in mijn hand en been terug begon te komen. Iedere controle was er een ietsiepietsie vooruitgang. Dat was mooi. Zie je wel, dacht ik toen nog, storm in ‘n glas water. Al dat gedoe voor niets, begint al helemaal bij te trekken. Dat het zo snel en goed bijtrok door de sterke bloedverdunner die in grote hoeveelheid was toegediend (de trombolyse) had ik op dat moment niet door. Wat ik wel doorhad was dat ik weer moest plassen (tja, als je nog geen zeikwijf bent, dan wordt je ‘t op die manier wel) en ik had dus helemáál geen zin om weer op die stomme pan te gaan. Dus besloot ik dat ik wel even op zou staan en naar de wc zou lopen. Ai!! Ik had even niet door dat ik met allerlei kabeltjes en slangetjes vastzat aan apparaten. (Weet je, zo’n ziekenhuisopname kost handen vol geld, en dan nóg spelen ze het zo dat ze de energie uit je lijf gebruiken om wazige computertjes te laten werken!). Dus kwamen er 2 verplegers naar me toe hollen om 1. het bedrekje naar beneden te doen, 2. me los te koppelen van de toeters en bellen, 3. mijn schoenen aan te doen en 4. me te begeleiden naar de plee. Ieder aan 1 kant, ik hing/strompelde er tussenin.

Nou, al met al ging het elk uur een beetje beter. De volgende ochtend was ik al zover opgeknapt dat ik, zittend en onder begeleiding, mocht gaan douchen. Het aantal keren dat ik de testjes moest doen en dat de bloeddruk gemeten werd, ging van elk half uur, naar eens per uur en toen eens per 2 uur (maar toen was het intussen dus al ochtend). Op dinsdagmiddag het ziekenhuis in, op donderdagnamiddag al weer thuis.

Vandaag ben ik bij de revalidatie-arts geweest. Het blijkt dat ik toch wel weer een stuk heb ingeleverd. Krachtverlies in linker arm en been zijn heel duidelijk. Maar ik merk wel meer dingetjes nu ik zo in mijn eigen omgeving rondkeutel. Zo kan ik dus niet tegelijk koffie zetten en ‘n boterham smeren, want dan smeer ik de boter in het kopje en schenk ik het water over de boterham. Moet weer terug naar stapje voor stapje dus. Na een (zittende) douchebeurt ben ik zó moe dat ik rechtop in de stoel in slaap val. Het typen van dit blog gaat moeizaam omdat ik echt telkens moet corrigeren wat ik typ. Vooral de linker hand wil niet echt doen wat ik wil. En als ik na deze lap typen probeer mijn armen in de lucht te steken, dan blijft mijn linkerarm net iets boven schouderhoogte hangen.

Yep, inderdaad weer ingeleverd en volgende week ga ik dat weer braaf opbouwen met revalidatie. Maar mensen wat ben ik blij dat mijn vriendin de signalen herkende zo aan de telefoon. En wat ben ik blij dat ze erop aandrong om de dokter te bellen. Wat ben ik blij dat die goede man het serieuzer nam dan ikzelf en dat hij zo snel kwam en handelde. Wat ben ik blij dat ik zo snel in het ziekenhuis was, dat ze daar zo snel de conclusie trokken en zo snel begonnen met de trombolyse. Die trombolyse doet echt wonderen. Als ik kijk hoe ik er dinsdagmiddag bij lag en hoe ik er nu bij zit, dan is dat echt een wereld van verschil. De vorige keren was ik er niet snel genoeg bij om trombolyse te kunnn doen. De uitval was toen minder groot dan nu, maar toch zit ik er nu beter bij dan toen ‘n weekje na de opname.

De signalen goed herkennen en snel handelen zijn dus écht van heel groot belang in dit soort gevallen. Soms letterlijk van lévensbelang! Herken een beroerte!

PS: grote kans dat deze tekst wemelt van de fouten. Ik moet er nu mee stoppen, controleer/corrigeer straks of morgen wel. Sorry!

Gelukkig……….

Tags

, , ,

…………..ik ben weer thuis!

Afgelopen dinsdag heb ik weer een herseninfarct gehad. Gelukkig gebeurde het toen ik met mijn vriendin aan het telefoneren was. Zij heeft erop aangedrongen dat ik de dokter zou bellen. Die was binnen no time bij mij en die heeft vrijwel meteen de ambulance gebeld. Ik was er echt op tijd bij dit keer en daardoor kon trombolyse worden toegepast. Ik heb 2 dagen op de BrainCareUnit doorgebracht, aangesloten op allerlei toeters en bellen. Maar nu gaat het goed!

Mijn lijf heeft weer een klap gehad en dat is wel merkbaar. Ben nu nog sneller moe dan voorheen, ben duizelig bij opstaan enzo, dus moet wel voorzichtig zijn en mag daarom ook nog niet alleen naar buiten. Maar mijn arm en been werken weer bijna net zo als vorige week. Onder voorwaarde dat er een douchekrukje zou worden aangeschaft en dat er personenalarmering wordt geïnstalleerd mocht ik donderdagmiddag weer naar huis. Dankzij die trombolyse dus.

Ik kom er later wel uitgebreider op terug.

Blogstokje

Van Ingrid kreeg ik een stokje aangereikt om er iets mee te doen en daarna door te geven. Ik voel me zeer vereerd en vind het een leuk initiatief. Maar ik neem wel de vrijheid om de regels aan te passen (zie einde blog).

De regels
1. Je moet die regels posten
2. Iedereen moet over zichzelf bloggen
3. Beantwoord de 11 vragen die de tagger heeft gegeven en stel 11 nieuwe vragen voor de mensen die je zelf tagt
4. tag 11 mensen en vraag dat zij dat op hun beurt ook doen met 11 andere mensen
5. Ga naar hun pagina en zeg dat je hen getagd hebt
6. Niet terug taggen
7. No stuff in the tagging section about “you are tagged if you are reading this.” You legitimately have to tag 11 people.

En dan nu de vragen die ik van Ingrid kreeg….

clip_image001

1.Wie uit blogland zou je weleens in het echt willen ontmoeten?
-JC-, Ingrid, Hans en Billy

2.Waar kunnen ze jou voor wakker maken?
Goeie sex?
Een nachtwandeling(etje) in de sneeuw.
Geloof ook wel een nachtwandeling als het heel erg warm is.

3.Het gebeurde gewoon(verliefd worden op een ander)…vind jij dat dat kan gebeuren of laat je het gebeuren?
Het kan gebeuren dat je verliefd wordt op een ander, of dat je denkt verliefd te zijn op een ander. Ik denk dat zoiets sneller kan gebeuren als je relatie in een dip zit. Maar áls het gebeurt, dan kun je een keuze maken over wat je ermee wil doen. Je kunt het zien als een signaal en daar dan aan gaan werken. Dat zou ik in elk geval doen. Ik zou niet zomaar aan die verliefdheid (of iets wat verliefdheid lijkt) toegeven.

4.Sneeuw,zon of regen?
Toch maar de zon. Maar het hoeft geen 30 graden te zijn voor mij.

5.Wat is voor jou het belangrijkste in je leven?
Momenteel ben ik dat zelf. Ervoor zorgen dat ik me goed voel (zo goed mogelijk op diverse vlakken). Ik weet dat ik daar nu goed aan doe, maar het blijft een beetje naar in mijn eigen oren klinken.

6.Wordpress,Twitter,Hyves of Facebook?
WordPress in elk geval.

7.Zou je iets weggeven als je een miljoen zou winnen…en zo ja,krijg ik wat?;)
Ik zou zeker iets weggeven. In elk geval aan mijn kinderen. Ik zou mezelf ook wel wat leuke dingen gunnen, maar met mate. Er zijn zeker wel dingen die ik graag eens wil doen, zoals leuke kleren kopen, op vakantie gaan, naar een mooie musical, dat soort dingen. En van ‘n miljoen kun je dat wel regelmatig doen lijkt me zo. Maar hoeft niet overdreven allemaal hoor. En verder zou ik een deel schenken aan goede doelen (onderzoek op medisch gebied en iets voor kansarme kinderen).

8.Geld,geluk,gezondheid of roem?
Geluk en gezondheid.

9.Hoe groot is het gezin waar je uit komt?
Vader, moeder en 1 zus.

10.Ben je tevreden met je uiterlijk..zo niet,wat zou je willen veranderen?
Mijn buik zou ik wel graag anders willen.

11.Stamppot,chinees of italiaans?
Stamppot en frans

clip_image001

Ik geef dit stokje voorlopig even niet door. De mensen aan wie ik het door zou willen geven hebben dit stokje al van Ingrid gekregen, dus dat lijkt me voorlopig wel even genoeg. Ik zal het bewaren voor later.

Vloeken…….

………. maar dan anders!

 

Fantastisch Uitgesneden Cederhouten Kastje!

Fraai Uitgedoste Citroengele Kanarie!

Flink Uitgeknepen Caviahoudende Knakker!

 

Vraag me niet waar het vandaan komt. Dit zijn dingen die om 4 uur ‘s nachts opeens in me opkomen. Dingen waarvan ik zelf denk “hoe kom je nou weer aan die onzin Meiske?”.

Waardoor ik uiteindelijk met een glimlach om mijn mond weer lekker verder slaap.

Oud en Nieuw

Terwijl er buiten al flink geknald wordt, neem ik even de tijd om in m’n dagboek te schrijven. Afgelopen week heb ik al zitten bladeren in mijn oude dagboek en daar kwam ik veel pijn en verdriet in tegen. Dat mag ik allemaal loslaten. Het is voorbij. Klaar! Waar ik wel even bij stil wil staan zijn de fijne dingen die zijn gebeurd dit jaar.

Zo heb ik echt bijna elke dag (3 dagen niet, midden in de verhuizing, toen was ik er gewoon even te moe voor) meerdere dingen in mijn positieve-dingen-boekje kunnen schrijven. Soms zelfs zo veel dat ik te weinig plek had om ‘t allemaal op te schrijven. Vandaar dat ik voor het nieuwe jaar gekozen heb voor een groter modelletje. Hoe meer ruimte ik maak voor positiviteit, hoe meer het ook mijn leven binnen zal kunnen stromen.

Een andere, echt grote, positieve verandering is de verhuizing geweest. De aangename ruimte, geen trappen meer, de rust, de inrichting die echt helemaal de mijne is en waar ik me prettig bij voel en het prachtige uitzicht! Zelfs nu de bomen kaal zijn en het buiten grijs en nevelig is, heeft het iets moois. Ja, ik voel me hier echt prettig!

Dan hebben we de zo anders geworden band tussen mijn ouders en mij en tussen mijn zus en mij. De grootste oorzaak van deze verandering is eigenlijk dat mijn vader zo hard achteruit gegaan is. Dat feit op zich vind ik erg, maar het heeft de ouder/kind-relatie en de zussenrelatie wel enorm ten positieve beïnvloed. Ik me voel me er voor een deel door bevrijd. Ik kom nu eindelijk toe aan mezelf ontdekken en dat voelt heerlijk! Daar wil ik ook lekker verder in groeien en experimenteren.

Dan is er ook nog de super warme en kostbare vriendschap met Beste Vriendin en haar man. Hele bijzondere mensen waar ik echt heel veel van ben gaan houden. Zij hebben mij, meer dan wie dan ook, geaccepteerd zoals ik ben. En ze hebben heel erg veel voor mij gedaan en klaargestaan. Goud waard, die 2! En ook via internet heb ik lieve mensen leren kennen waarmee ik een leuke band aan het opbouwen ben. En ook op het activiteitencentrum worden de banden met sommigen hechter.

Ow ja, het wegblijven van mijn depressie is ook de moeite waard om te vermelden. Er waren zeker wel offdays en ik ben soms ook wel echt somber geweest. Maar ik heb me keer op keer weten te herpakken en heb me er niet door laten meeslepen. Het is zelfs zo goed gegaan dat ik binnenkort weer ga proberen om de medicatie iets te verminderen. En zelfs als dat niet lukt, dan weet ik nu in elk geval dat ik me met de huidige dosis prima voel. En dat is op zich al een enorme verbetering van de situatie.

De scootmobiel en de daarmee verworven mobiliteit en zelfstandigheid mogen in deze terugblik ook niet ontbreken. Wat heb ik ervan genoten om er op uit te trekken al die prachtige dagen van het afgelopen jaar. Zelfs bij minder goed weer, als ik er tegenop zag om bijv. naar de winkel te gaan, merkte ik bij thuiskomst dat het buiten zijn me toch goed had gedaan. Al was ‘t maar een kort moment geweest. Bovendien heb ik gemerkt dat de periodes met regen vaak minder lang duren dan het lijkt. Meestal is er toch wel ‘n droog momentje waarin je snel even naar de winkel kunt. En regent het ‘n keer echt de hele dag, dan blijf ik gewoon lekker thuis. De wereld vergaat dan niet omdat ik de boodschappen op ‘n ander moment dan gepland doe.

Zo, dat was de terugblik. Ik heb voor ‘t nieuwe jaar niet echt heel strak omlijnde goede voornemens. Ik wil verder gaan op het pad dat ik al ben ingeslagen. Goed voor mezelf zorgen, mijn beperkingen onder ogen zien en accepteren, mijn mogelijkheden en talenten (her)ontdekken en verder ontwikkelen. Blijven verder gaan met de “yoga” en keramiek op het activiteitencentrum. Proberen om meditatie en yoga in mijn dagelijks leven in te gaan passen en mezelf verder toestaan om open te staan voor alles wat het leven op mijn pad brengt en te proberen daar goed mee om te gaan. Ik verheug me op de 366 nieuwe dagen die het komende jaar te bieden heeft. We zullen zien wat ervan komt!

Ik wens iedereen (ook mezelf dus) een goede jaarwisseling en een GELUKKIG NIEUWJAAR!!!

Kerst 2011

De kortste dag hebben we achter ons. Vanaf nu komt er elke dag een beetje meer licht. Ik hoop dat deze kerst licht mag brengen in jullie leven en harten.

VROLIJK KERSTFEEST

EN VEEL LIEFS!!!!

Meiske

Dag huis, dag tuin, dag keukendeur

Het is 20 over 9 en daar zit ik dan. In het oude huis, aan de oude (goh wat issie laag) tafel, op een oude stoel. Het is een vreemd gevoel. Alles in en aan dit huis is bekend en vertrouwd, maar het is absoluut niet meer van mij.

De nog bruikbare spullen zijn vandaag meegenomen door een stichting die ze naar minder bedeelden in minder rijke landen brengt. Het zijn wat meubeltjes en nog wat klein spul, dekens, gordijnen en wat speelgoed. Het lijkt veel omdat het door het hele huis verspreidt staat, maar als je het bij elkaar zet, dan blijft er eigenlijk maar een zielig hoopje van over. Als het allemaal weg is, dan moet ik nog een keer met m’n nichtje en haar vriend het afval naar het milieupark brengen. Zij hebben het huis nu gehuurd en ze willen eerst een aantal dingen slopen en daarna in 1 keer alle troep wegbrengen. Ik hoop dat zij er het paleisje van kunnen maken dat ik ooit in dit huisje zag, maar hij is een heel stuk handiger dan mijn ex-man, dus volgens mij gaat dat wel lukken.

Het is de laatste keer dat ik dit huisje met m’n eigen sleutel ben binnengekomen. De laatste touwtjes waarmee het nog aan mij verbonden zit worden nu doorgeknipt. Ik zal hier nooit meer de deur open doen om Hondemans of Kattenmadam naar binnen of buiten te laten. Nooit meer het slotje op het taillehoge poortje doen, er nog even overheen leunen en gedag zwaaien naar mijn bezoek. Nooit meer door de openingen in de raambeplakking de voeten en onderbenen van mijn kinderen of andere geliefden dichterbij zien komen. Nooit meer het geroddel van de buren horen. Nooit meer ergeren aan het onkruid of de heg die sneller groeien dan ik bij kan houden. Nooit meer sneeuw ruimen zodat de postbode z’n nek niet breekt.

Storm, waai alle nare herinneringen weg! Weg uit mijn hoofd, weg uit mijn lijf. Ik heb de goede herinneringen al in mijn hart opgeborgen.

Dag ex-man, ik bracht in dit huisje langere tijd als single door dan als vrouw van jou. Maar toch hangt hier nog veel van jouw energie. Op jouw manier droeg je me op handen. Maar jij liep op je tenen en ik moest steeds op de rem. Dat zegt veel over onze combinatie, maar zeker niet over jou als persoon. Je bent een goede man, ook al was je niet de wáre voor mij.
Dag Hondemans, Hondelady en Kattenmadam, jullie energie hangt zeker ook nog hier. En het was goede energie. Energie die ik nog dagelijks mis.
Dag Minnaar, dag Schatje1971, dag Jazzman, jullie raakten alle 3 een deel in mij dat ik daarvoor nog niet kende. Ik verlangde naar jullie, ik verwachtte veel van “ons” en ik heb massa’s tranen om jullie vergoten. Dag meervoudig gebroken hart, dag bittere tranen, dag angst, dag onzekerheid.
Dag pijn, dag depressie, dag auto’s, dag buren, dag wijk. Oh ja, dag nare trappen! Dag hoekje voor de kerstboom.

Dag deel van mijn leven dat bol stond van dromen en verlangens en dat was doorspekt met teleurstelling, pijn en verdriet. Het is goed om dit nu achter te laten. En toch stromen de tranen………pffff, de laatste touwtjes!

Moge dit huisje aan de nieuwe bewoners al het geluk brengen dat ik er zocht!